De betekenis en leerlessen van trauma

Mijn sessies richten zich op begeleiding en ondersteuning vanuit expertise in het zenuwstelsel, trauma en hoogsensitiviteit. Ik werk op een lichaamsgerichte manier en ondersteun mensen dagelijks in persoonlijke groei, heling en ontwikkeling. Selfsense staat voor jezelf begrijpen, op elk niveau van je zijn en ik stimuleer mensen de authentieke zelf te zijn.

Wat is de authentieke zelf?

De authentieke zelf is de versie van jezelf die je bent zonder belemmerende overtuigingen, conditionering of beschermende muren en strategieën die je rond jezelf hebt gebouwd. Er zijn veel mensen die de authentieke zelf verbergen uit angst afgewezen te worden of er niet bij te horen. Door ons leven ontwikkelen we daardoor heel veel strategieen om niet onze echte ik te laten zien. Dat kost veel energie en is vaak ook de oorzaak van stress, angst en onrust in het lichaam.

Hoe kom ik tot mijn kennis?

Ik heb zes jaar lang Psychologie gestudeerd en mij gespecialiseerd in Ontwikkelingspsychologie (richting Kind & Jeugd). Daarnaast heb ik diverse opleidingen en cursussen gevolgd om mij te verdiepen in familiesystemen, innerlijk kind werk, lichaamsgericht traumawerken en hoogsensitiviteit. Dit jaar heb ik de opleiding ‘Polyvagale theorie’ afgerond, een theorie die zich richt op de verschillende verdedigingstrategieen die ons zenuwstelsel heeft wanneer we stress of onveiligheid ervaren in het lichaam. Deze theorie geeft inzicht in de relatie tussen stress, onverwerkte emoties en lichamelijke klachten die kunnen leiden tot trauma. Daarnaast heb ik ontzettend veel geleerd over de intuïtie en het invoelen. Dat noemen we ook wel ‘the sixth sense’, je zesde zintuig, waarbij je iets al weet of aanvoelt zonder dat je hier concrete informatie over hebt. Ik leerde dat veel van wat ik doe op gevoel afstamt vanuit mijn sjamanistische voorouderlijke roots en van daaruit ontwikkelde ik mijn eigen werkwijze met energetische koorden en readings.

Wat is trauma?

Trauma is een breed begrip en wordt op dit moment op veel verschillende manieren gebruikt. Veel mensen zullen trauma aan schokkende gebeurtenissen koppelen, waarvan we het logisch vinden dat mensen er later in het leven nog last van kunnen hebben. Vaak wordt dan gedacht aan een tsunami, brand, beroving, vluchten uit een oorlogsgebied, mishandeling, seksueel misbruik of (oorlogs)geweld. Dit zijn schokkende gebeurtenissen waar vaak de diagnose Post Traumatische Stressstoornis (PTSS) voor wordt gegeven binnen de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ).

Toch is dit niet de juiste beschrijving van het begrip trauma en heeft expert Gabor Mate het begrip opnieuw gedefinieerd.De oorsprong van het woord ‘trauma’ is Grieks en het betekent letterlijk ‘wond’. Trauma is dus een wond. Het kan een fysieke wond zijn door een ongeluk maar ook een psychische wond door een innerlijke pijn of onverwerkte emotie. Dan is het een wond die binnenin het lichaam ontstaat door een gebeurtenis in het leven die het brein als negatief of onveilig heeft bestempeld. Het gaat hierbij niet om de gebeurtenis zelf, wat je is overkomen of wat er is gezegd, maar om de wond die diep binnenin is ontstaan vanuit pijn.

De diepste pijnen die wij als mens ervaren gaan over verlating, afwijzing, niet gezien worden, niet erkend worden en ons niet verbonden voelen met onszelf of de ander. Het lichaam heeft herinneringen aan deze gebeurtenissen en wanneer er onvoldoende tot geen ruimte is geweest om de bijbehorende emoties te uiten en verwerken kunnen er een reeks aan psychische, emotionele en lichamelijke klachten ontstaan.

Trauma gaat vaak over een psychische verwonding waardoor we de emotionele pijn proberen te ontsnappen met allerlei overlevingsstrategieën.

Wat zijn de overlevingsgedragingen?

We kunnen bepaald gedrag inzetten om ons te beschermen van een pijn, wanneer we bang zijn om afgewezen te worden of emoties te laten zien die we als negatief of lastig beschouwen. In gedrag kunnen we dan vechten, vluchten, bevriezen of ons aanpassen. Afhankelijk van wat je aangeleerd hebt gekregen kies je veelal onbewust en automatisch een modus uit om jezelf te beschermen. Er zijn vier modussen:

Vechtmodus (fight): Ruzie maken. Een punt maken. Jouw grens neerzetten. Je kunt in gedrag harder gaan praten of schreeuwen, duidelijk maken dat je iets niet oké vindt en er is weinig ruimte voor de inbreng van de ander. Deze modus heeft als functie iemand op afstand te houden omdat we het spannend vinden als ze te dichtbij komen. Deze modus komt vaak voor bij mensen die hebben aangeleerd ‘sterk te moeten zijn’ en nooit het gevoel  hebben gehad kwetsbaar te mogen zijn of te mogen huilen.

Vluchtmodus (flight): Mij niet gezien. Je gaat voornamelijke de confrontatie uit de weg of probeert de situatie te ontvluchten. Je kunt letterlijk weglopen of iets vermijden. Zo kan het zijn dat je als kind naar je kamer stormde wanneer je ouders ruzie maakte omdat je het te pijnlijk vond om het te zien. Dat is ook een vorm van vluchten.

Bevriesmodus = (fright): Je bevriest en vindt het moeilijk om jezelf uit te spreken of te laten zien. Je kunt je compleet overweldigd voelen en even niet weten wat je in dit moment kunt doen voor jezelf. Je bent je bewust van je lichaamssensaties en spanning maar kunt er niet op reageren. Het lukt je niet om tot actie te komen, je blijft voor je uit staren of je voelt dat je steeds in een soort dagdroom modus zit.

Aanpasmodus (fawn) = Je past je aan in de hoop dat je zo de situatie kunt verbeteren of het conflict kunt vermijden. Je hoopt goedkeuring te krijgen van de ander of er weer bij te horen.Op een ongezonde manier passeer jij jezelf door mee te gaan in de verwachtingen en de verlangens van een ander en niet te luisteren naar je eigen (emotionele) behoeften. In deze modus zorgen mensen heel veel voor iemand anders en niet goed voor zichzelf.

Het is belangrijk om bewust te worden van jouw gedragspatronen die je inzet om jezelf te beschermen van een dieperliggende pijn. Sommige patronen hebben we heel snel door, anderen zijn ons niet zo bekend doordat het gezien werd als normaal of je nooit iets anders heb gezien. Een kind die is opgegroeid met ouders die vaak ruzie maakte en schreeuwde tegen elkaar zal gewend zijn aan deze vorm van communicatie en er niet snel van schrikken en mogelijk ook zo communiceren. Terwijl dat niet een gezonde of veilige vorm is.

Fysiek trauma (zichtbaar, extern)

Hierbij kun je denken aan een ongeluk met de auto, een operatie in het ziekenhuis, of een vervelende val waardoor jij je been breekt. Dit heeft impact op het lichaam, is vaak zichtbaar voor de ander en vraagt om een periode van lichamelijk herstel.

Wat voor type trauma’s zijn er?

Emotioneel trauma (niet zichtbaar, intern)

Emotionele verwaarlozing

Van emotionele verwaarlozing is sprake wanneer ouders langdurig tekort schieten in het voldoen aan de emotionele behoeften van het kind. Wanneer een kind boos, bang, of verdrietig is heeft het een veilige verbinding nodig met de ouders om de emoties te mogen voelen. Als de ouder het kind het gevoel heeft gegeven dat het iets niet mag voelen ontstaat er aanpassings- en overlevingsgedrag. Je kunt hierbij denken aan uitspraken zoals: ‘ stel je niet zo aan’, ‘doe gewoon normaal’, ‘niet huilen’ waardoor een kind het gevoel heeft dat de gevoelens er niet mogen zijn. Als dit voor een aantal jaar zo doorgaat ontwikkelt het kind een overleving om niet te voelen en komen de emoties vast te zitten in het lichaam. Dan wordt er gesproken over emotionele verwaarlozing.

Gevoelens van afwijzing

Hierbij kun je denken aan iets wat niet snel zichtbaar is voor de ander. Het gaat over gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden waar gevoelens van afwijzing of kwetsing zijn ervaren. Je kunt hierbij denken aan gepest worden, ouders die scheiden, een relatie die uitgaat. Als er geen ruimte wordt gevoeld om over de emoties te praten of deze te uiten kan een gedragspatroon ontstaan vanuit overleving. Daarin probeert iemand zich anders voor te doen dan wat werkelijk gevoeld wordt. Als dit voor een langere periode doorgaat ontstaan er spanningsklachten, lichamelijke klachten tot zelfs paniekaanvallen omdat het lichaam geen ruimte krijgt om de emoties te verwerken. Ook kan het zijn dat bepaalde gebeurtenissen doen denken aan dingen die al eens eerder zijn gebeurd en niet goed zijn verwerkt. Dit wordt een trigger genoemd, dan reageer je op iets wat je hoort, ziet, ruikt of voelt, wat lijkt op een aspect van een onverwerkte traumatische ervaring.

Vroegkinderlijk trauma

Een vroegkinderlijk trauma is een traumatische gebeurtenis die heeft plaatsgevonden tijdens de kinderjaren, geboorte of zelfs nog voor de geboorte. Als weerloze kwetsbare baby’s zijn we volledig afhankelijk van onze ouders/verzorgers en hebben voeding, steun en bescherming nodig om te overleven. Als daar iets niet goed gaat, bestaat het risico op overlijden. Als baby en kind zijn wij afgestemd op de gevoelens van de ouders en kunnen we ontzettend goed aanvoelen of er iets aan de hand is. Doordat we klein en hulpbehoevend zijn kunnen we hier geen woorden aan geven en leren we onszelf aan te passen als er niet aan onze behoeften word voldaan. Er is namelijk maar een doel in deze kindertijd; overleven.

Transgenerationeel trauma

‘Pijn kan worden doorgegeven’ – Elody Hamelink

Transgenerationeel trauma is het fenomeen waarbij pijn en verlies van generatie op generatie wordt doorgegeven. Het is namelijk zo dat familiepatronen in gevoelens, gedragingen en herinneringen zitten opgeslagen in ons DNA en tot uiting komen in het lichaam. Hardnekkige patronen waarin we vastlopen zijn vaak terug te voeren op het familiesysteem; jij bent namelijk verbonden met jouw familieleden. Het kan zijn dat jij op de verkeerde plek staat binnen het familiesysteem of dat er nog verborgen pijnen en geheimen in een familiesysteem aanwezig zijn die invloed hebben op jouw gezondheid. Ook kun je informatie halen uit jouw gevoelens ten opzichte van je vader en moeder. Als er strijd is of ruzie komt dit vaak doordat het kind een spiegel wordt voor de ouder in wat nog onverwerkt is binnen het familiesysteem en waar aandacht aan gegeven mag worden.

Trauma zit dus in het lichaam?

Ja, trauma zit in het lichaam en het laat diepe sporen achter. Voornamelijk het voelen van onveiligheid in het lichaam op bepaalde emoties en gedachten maakt dat we soms muurtjes om ons heen bouwen omdat we het spannend vinden om echt te voelen wat aanwezig is. Het is daarom zo belangrijk om weer veiligheid te voelen in het lichaam.

Wat gebeurt er dan als je een paniekaanval hebt?

Laat ik beginnen met zeggen dat het niet gek is als je een paniekaanval hebt en er niets mis met jou is.

Een paniekaanval is het lichaam die een waarschuwing geeft en jouw een boodschap komt brengen. Vaak onstaat een paniekaanval doordat al voor een langere periode niet is geluisterd naar de eigen (emotionele) behoeften en veel triggers aanwezig zijn in het dagelijks leven. Het lichaam schiet dan in de overlevingsmodus en wanneer dit te lang doorgaat onstaat er paniek en angst. Een paniekaanval wordt vaak heftiger omdat we door de angst weggaan van de lichaamsensaties en het gevoel dat we voelen, waardoor we uitchecken. Eigenlijk zegt het lichaam op dat moment: ‘hey, hier ben ik, er is iets aan de hand, luister naar mij!’ op de meest confronterende manier omdat er al een tijdje niet is geluisterd. Het laten weten dat iets onveilig voelt en het is dan belangrijk om te onderzoeken waardoor er onveiligheid wordt ervaren.

Helpt het dan om erover te praten?
Ja en nee. Voor veel mensen is de valkuil om te gaan praten over de gevoelens in plaats van ze echt te voelen. Vaak wordt er ook frustratie ervaren omdat sommige mensen vanuit het eigen ongemak proberen de gevoelens te verminderen met uitspraken als ‘ah, stel je niet zo aan’, ‘zo erg is het toch niet?’ of ‘je moet gewoon..’. Die goedbedoelde adviezen werken vaak triggerend voor iemand zelf al moeite heeft met het uiten en plaatsen van de eigen emoties. De valkuil ontstaat dan ook vaak dat we het verhaal vanuit het hoofd vertellen terwijl we geen contact maken met de lichaamssensaties. Het is heel fijn als iemand jouw verhaal aanhoort en belangrijk om tijdens het vertellen van het verhaal je te richten op wat in je lichaam gebeurt. Dat is nog niet altijd zo eenvoudig omdat het gekoppeld kan zijn aan gevoelens van onveiligheid en angst. Belangrijk is daarom dat er een veilige setting wordt gecreeerd waarin jij stapje voor stapje oefent met ook in je lichaam jouw emoties te voelen met iemand die voor jou fijn aanvoelt.

Wat kun je doen als je een paniekaanval hebt?

In mijn sessies werk ik met jongeren veel met het innerlijke kind. Dat is de jongere versie in jezelf. Vaak vraag ik op zo moment: ‘Hoe zit jouw innerlijk kindje erbij?’. Bij paniekaanvallen zie ik veelal dat het innerlijk kindje ontzettend bang of verdrietig in een hoekje zit weggedoken. Dan gaan we samen oefenen met contact maken met het innerlijk kindje in het lichaam. Zo leer je de emoties en triggers herkennen, evenals wat je voor jezelf op zo moment mag doen. Ook is het belangrijk om weer contact te maken met het lichaam. Zo kan je bijvoorbeeld een ijsblokje op je pols leggen en voor jezelf beschrijven hoe het voelt en je aandacht daarop richten. Of je ogen dicht doen en wortelen om je benen visualiseren. Dit zijn allemaal manieren om weer te oefenen met in contact komen met je lichaam, te gronden in jezelf. Ook kun je grondingsoefeningen googelen, dit zijn oefeningen om ook weer contact te maken met je lichaam.

Is er een relatie met hoogsensitiviteit en trauma?

Hoogsensitiviteit betekent dat jij de wereld op een andere manier in jou opneemt. In het brein ontbreekt een filter waardoor jij op een zeer intensieve en gedetailleerde manier informatie tot je neemt en opslaat.  Hierdoor is er een diepgaande verwerking van prikkels en informatie waardoor er ook overstimulatie en overprikkeling plaatsvindt. De overprikkeling kan zitten op wat je ziet, hoort, voelt, ruikt of proeft of een combinatie van meerdere zintuigen. Doordat mensen met hoogsensitiveit zoveel oog heeft voor detail kunnen zij sferen aanvoelen, iemands gezichtsuitdrukking of lichaamstaal lezen en hebben zij een hoge zintuiglijke scherpzinnigheid. Mensen met hoogsensitiviteit hebben simpel gezegd meer door dan een gemiddeld mens. Dit stelt hen in staat om de kleine nuances op te pikken in een ruimte met mensen en maakt ze gevoelig voor aanpassing vanuit een diep inlevingsvermogen. Het is belangrijk voor mensen met hoogsensitiviteit om regelmatig te ontprikkelen door alleen te zijn. De belangrijkste voor voor iemand met hoogsensitiviteit is: Wat is van en wat is van de ander? Wanneer er iets vervelends gebeurt in de omgeving of sprake is van een traumatische gebeurtenis is er sprake van een verhoogde kwetsbaarheid omdat ze gebeurtenis op een dieper niveau ingevoeld kan worden. Ze hebben dan ook meer tijd nodig om een gebeurtenis te verwerken.

Wat kun je doen om meer in je lichaam te komen?

Bodyscan

Ga zitten of liggen in een comfortabele houding en scan rustig je hoofd naar je voeten. Telkens loop je een lichaamsdeel af en voel je eens even wat je per lichaamsdeel voelt. Belangrijk is dat je de tijd neemt. Op Spotify en Youtube zijn er voldoende voorbeelden van een bodyscan.

Grondingsoefening. Dit zijn oefeningen om meer in je lichaam aanwezig te zijn. Dit kan door je ogen te sluiten en een paar keer rustig adem te halen en je aandacht op verschillende delen in jouw lichaam te vestigen. Welk lichaamsdeel vraag je aandacht? Als het niet lukt omdat je merkt dat je energie in je hoofd zit mag je dit enkel opmerken, dat is dan op dat moment jouw veilige plekje. Daar is geen oordeel op nodig. Telkens mag je oefenen met een beetje zakken.

Reflectievragen

Wanneer je even vastloopt en niet zo goed weet wat je voelt en heel veel gedachten hebt kun je oefenen met jezelf de volgende vragen stellen:

Wat voel ik op dit moment?

Waar voel ik het?

Kan ik er aandacht of ruimte aan geven?

Wat mag ik doen voor mezelf?
Dit zijn meer lichaamsgerichte vragen die jou uitnodigen om te voelen in plaats van te denken.

Innerlijk kind oefening.
Visualiseer de jongere versie van jezelf, jouw innerlijk kindje. Waar is jouw innerlijk kindje? In je hart? Of ergens anders? Kun je contact met dat deel maken? Wat heeft het nodig? Door hiermee te oefenen kun je steeds vaker in contact komen met de gevoelens die je nodig hebt te voelen en te begrijpen waar ze vandaan komen.

Shake it off!

Als je teveel in je hoofd zit kun je bijvoorbeeld door te shaken en te dansen jezelf stimuleren om meer in je lichaam te komen. Shaken doe je door beide benen op de grond te houden en op en neer te bewegen op muziek terwijl je inademt door je neus en uitademt door je mond. Door de beweging wek je energie op in je lichaam en emotie is ook wel ‘energy in motion’. Zoals Taylor Swift zou zeggen: ‘ Shake it off!’.

Heb je nog verdere tips?

Het enige wat mij rest te zegggen is ‘voel het maar’. Je hoeft niet op zoek te gaan want wat voor jou bestemd is dient zich aan. Voelen is de enige weg naar binnen en jij mag het allemaal voelen. Voel het in liefde en verzachting naar jezelf. Het leven brengt veel uitdagingen en je hoeft niet alles goed te doen, je mag fouten maken en leren. Zie angst als een signaal dat je aan iets geen aandacht geeft en geef jezelf de ruimte om te voelen. Verbind met mensen die jou jezelf laten zijn in dat voelen. Want die verbinding is het meest helende wat we hebben. Heb jouw innerlijke kind lief en vertel hem of haar dat dat het oke is.

Mijn grootste inspiratiebronnen zijn Bessel van der Kolk, Gabor Mate en Peter Levine. Zij geven ontzettend veel informatie over trauma in het lichaam en wat je kunt doen voor jezelf via boeken, podcasts en tiktok filmpjes.

Boektips
Bessel van der Kolk – Traumasporen
Gabor Mate – Het verstrooide Brein
Gabor Mate -Wanneer het lichaam nee zegt
Peter Levine – De Tijger Ontwaakt

Peter Levine – De stem van je lichaam

 Mocht je zelf worstelen met bepaalde gedachten en gevoelens ben je altijd welkom in mijn praktijk in Leiden om eens te onderzoeken en jouw spanningsklachten te begrijpen. Of neem een bezoekje op mijn website om meer te lezen over mijn werkwijze, missie en visie.

I got this. And you got this too.